Een leven lang Dennendal

Samen werken, samen zorgen

Toos: “Ik kom al op Reinaerde Dennendal sinds 1992. Eerst als begeleider op een woning, later bij de dagbesteding. Inmiddels ben ik 76 en met pensioen, maar heb ik een flexibel contract van één uur en ben ik er elke maandag als vrijwilliger. Dat is echt mijn dag. Toen ik nog werkte kwam ik vaak moe thuis, nu ga ik juist weg met energie. Vrijwilligerswerk voelt totaal anders.

Ik heb altijd vrijwilligerswerk gedaan, onder andere bij de Historische Vereniging Den Dolder. Toen ik met pensioen ging, kon ik thuis niet helemaal mijn draai vinden. Gelukkig woon ik dichtbij, dus ik was zó weer terug op Dennendal. Dit is voor mij geen gewone plek. Ik woon mijn hele leven al in Den Dolder en veel dorpsgenoten werkten hier. Ook mijn moeder deed vrijwilligerswerk.

‘Het zit in mijn genen’ zeg ik wel eens. Iets voor een ander doen was bij ons thuis heel normaal. Cliënten maakten gewoon deel uit van het dagelijks leven. Toen ik zelf kleinkinderen kreeg, nam ik ze regelmatig mee naar Dennendal. Even een kop koffie, even gedag zeggen. Dennendal hoort gewoon bij mij.”

Dát waar net geen tijd voor is

Samen leven samen zorgen

“Op de groep doe ik dat waarvoor het vaste personeel soms geen tijd heeft: wandelen, nagels lakken, puzzelen, aandacht geven, een hand vasthouden. Het zijn allemaal kleine dingen, maar ze betekenen zóveel. En na de lunch begint de sport- en muziekactiviteit in de grote zaal. Dat is mooi hoor: 20 tot 25 mensen die elke week klaar zitten. De ene keer sporten we op muziek, de andere keer zingen we. Een collega speelt accordeon. Liedjes raden, bewegen, lachen: het is altijd gezellig.”

“Als ik over de bewoners vertel, beginnen mijn ogen te glimmen. Neem Loes bijvoorbeeld. Zij is 91 jaar en woont al sinds haar twintigste op Reinaerde Dennendal. Met haar heb ik een bijzondere band. Ze vertelt graag over vroeger, bijvoorbeeld over haar broer die vooropliep bij het muziekkorps, met zo’n grote stok. Dat soort herinneringen… prachtig vind ik dat.

En dan heb je Agnes. Als zij binnenkomt, krijg ik altijd eerst een knuffel. Agnes houdt heel erg van zingen en dansen. Dat is dan ook een vaste prik in de dag. Werken met deze mensen voelt zo bijzonder. Ze zijn zó blij met de kleinste dingen. Een kop koffie uit een thermoskan, een broodje eten op een bankje in het bos… dat is voor hen echt een feest. En daardoor voor mij ook.”